Rekenles tussen de varkens
Zodra de schoolbel gaat, staat Willem Verwoerd niet in het klaslokaal, maar op de boerderij bij Henk van den Broek in Lunteren. Daar zijn geen schoolbanken of digiborden nodig. De stal is het klaslokaal.
“Als leerlingen hier vandaan gaan met een eerlijk beeld van de landbouw, dan is mijn missie geslaagd.”
De leerlingen van vmbo-school De Meerwaarde staan al klaar met hun laarzen en overall. Vandaag krijgen ze les over de huisvesting van biggen. Hoeveel ruimte is er nodig per big? Hoeveel voederbakken en drinkwatervoorzieningen zijn er nodig? Na een kort theoriegedeelte en een praktische instructie gaan ze zelf aan de slag. De ene groep rekent uit hoeveel hokken er nodig zijn voor de biggen die gespeend moeten worden. De andere groep loopt mee met een controleronde en strooit luzerne. Voor Willem is dit de ideale manier van lesgeven. Theorie en praktijk komen hier vanzelf samen. En minstens zo belangrijk: jongeren zien met eigen ogen hoe een boerderij werkt.
Levensecht leren
Dat zijn lessen vaak op een boerderij plaatsvinden, is geen toeval. Bij De Meerwaarde werken ze met het principe ‘levensecht leren’. Voor Willem betekent dat: zo veel mogelijk naar buiten. “Ik geef les aan derde- en vierdejaars vmbo-leerlingen die voor de richting Groen hebben gekozen. Vrijwel al mijn praktijklessen geef ik op boerderijen op fietsafstand van Barneveld.” Het contact met Henk ontstond twaalf jaar geleden via een leerling. “Ik vroeg in de klas of iemand nog een idee had voor een bedrijf waar we naartoe konden om koeien te leren scheren. Toen stak de dochter van Henk haar hand op. Sindsdien kom ik hier bijna wekelijks met leerlingen.” De samenwerking loopt soepel. “Henk staat ervoor open. Hij houdt wel van wat reuring op het erf. Hij heeft vertrouwen in mij en ik in hem. Dat werkt gewoon goed.”
Met de laarzen in de modder
De lessen zijn praktisch en afwisselend. Leerlingen observeren het gedrag van de dieren, leren het gewicht van een dier inschatten, nemen mestmonsters of meten de huisvesting in de stal. Theorie en praktijk lopen daarbij door elkaar. “Je vindt mij maar zelden in een klaslokaal,” lacht Willem. “Mijn theorielessen geef ik vaak in ons natuurcentrum. Maar uiteindelijk moet je gewoon met je laarzen in de modder staan. In de praktijk leren leerlingen veel meer.” De leerlingen nemen hun rol serieus. Ze hebben allemaal hun eigen laarzen en overall. “Ze mochten zelf de kleur kiezen en hun naam wordt erop geborduurd. Daar zijn ze ontzettend trots op. Sommigen wilden zelfs met laarzen en overall op de fiets naar huis om het thuis te laten zien.”
Een eerlijk beeld van de landbouw
Voor Willem is er nog een belangrijke reden om zijn leerlingen naar de boerderij te brengen: het contact met de oorsprong van voedsel. “Veel jongeren hebben totaal geen idee meer wat er op een boerderij gebeurt. Zelfs hier in Barneveld zijn er weinig kinderen die ooit op een echte boerderij zijn geweest. Vroeger had bijna iedereen wel een familielid met een boerenbedrijf. Nu moeten jongeren hun beeld van de landbouw vaak vormen op basis van wat ze online zien.” Daarom vindt hij het belangrijk dat leerlingen zelf kunnen kijken. “Iedereen mag een mening hebben, maar vorm die mening op basis van wat je zelf ziet en ervaart. Als je het gesprek met elkaar blijft voeren, kun je veel misverstanden voorkomen.”
Leuker dan een dagje pretpark
Niet alle leerlingen kiezen uiteindelijk voor een agrarische opleiding. Ongeveer tien procent van de leerlingen die voor de richting Groen kiest, wil verder leren in de agrarische sector. Maar dat is voor Willem niet het belangrijkste doel. “Je neemt niet alleen de toekomstige boeren mee, maar ook leerlingen die bijvoorbeeld bloemist willen worden, zoals de dochter van Henk, of een andere groene richting kiezen. Voor hen is het net zo waardevol om te zien hoe voedsel wordt geproduceerd.” Volgens Willem gaat het uiteindelijk om bewustwording. “Als je een stukje vlees eet, zit daar een heel verhaal achter. Elke keuze die je maakt heeft een consequentie. Het is goed als jongeren daarover nadenken.” De reacties van leerlingen zijn vrijwel altijd positief. “Ze vinden dit vaak leuker dan een dagje naar het pretpark,” zegt Willem lachend. “Het enige waar ze soms over klagen is het fietsen, vooral als het regent.” En Henk? Die heeft er weinig omkijken naar. Willem en zijn klas voelen zich inmiddels kind aan huis.